Fokker model 14 Mailplane
Na de introductie van de Super Universal begonnen een aantal maatschappijen het toestel ook te gebruiken op de gesubsidieerde luchtpostroutes. Daarbij werden ook passagiers meegenomen.
Western Air Express was een van die maatschappijen die ook dochterondernemingen had die dit deden. De meeste routes hiervan lagen in het bergachtige westen van Amerika.
De meeste piloten van postvliegtuigen waren daarbij gewend aan een open cockpit halverwege de romp. En gaven daar ook hun voorkeur voor aan.
Begin1929 kreeg Fokker de vraag of deze ook zo’n type kon leveren. Ondanks de grote druk die lag op de productie van de F-32 werd besloten om dit nieuwe type op de markt te brengen.
Het werd een parasoldekker met sterkere Hornet A motor en de cockpit achter de cabine voor zes passagiers. Zowel Western Air Express als Western Canada Airways toonden belangstelling.
Daarop werd besloten een eerste serie van 20 stuks 1401/1420) te gaan bouwen.
Na het verkrijgen van het Prairie Air Mail Contract eind juni bestelde WCA tien toestellen. WAE volgde spoedig met interesse voor eveneens tien toestellen. Overigens werden er pas zes besteld.
Al spoedig bleek dat het type niet de verwachte prestaties leverde. Het, was 40% zwaarder dan de Super Universal.
Daasrbij lagen de prestaties net iets lager. Hierop WCA bracht haar bestelling terug tot zes stuks en WAE tot drie.
Het toestel werd wel in het productieprogramma voor 1930 opgenomen, maar dat leidde niet tot bestellingen.
In okotober1929 werd al begonnen met een studie om de Hornet B of Curtiss Conqueror toe te passen om de prestaties te verbeteren. Ook werden nog beproevingen gedaan op niet verkochte toestellen. Dit leidde tot een lange weg waarin uiteindelijk nog enkele verkopen plaats vonden.
Een opsteker voor Fokker was dat in het kader van het aan het werk houden van de industrie het Air Corps extra bestellingen plaatste. In juli 1930 werden 20 Y1C-14’s aangeschaft die echter onder het aparte modelnummer 18 werden afgebouwd.
Naar wordt aangenomen werd hierbij gebruik gemaakt van een aantal niet voltooide F-14’s Zie hiervoor model 18.
Onder de aanduiding F-14 zijn later nog twee extra exemplaren gebouwd.
Msn 1421 was als hoogdekker uitgevoerd met een vergrootte cabine die uiteindelijk naar Canada werd verkocht.
Msn 1422 was het prototype voor een ambulancevliegtuig. Deze werd uiteindelijk door het Air Corps overgenomen.
Klik op de foto om de foto te vergroten

























